peper

            kroniek

alle
rooms
beroepen
Sjamaar
Godefrooij
Rijkenberg
Schuling
contact


terug
In de geschiedenis van de familie Rijkenberg kun je niet om de Peperstraat heen. Toen zij in eerste jaren van 1700, vlak na de drooglegging van de Purmer, in Purmerend gingen wonen zullen zij daar zeker snel ingeburgerd zijn.
Het waren vermogende jonge mensen, die goed en hard werkten en een sterke handelsgeest hadden. Bovendien waren ze zeer katholiek in de tijd dat deze godsdienst verboden was en Purmerend bekend was als wijkplaats voor katholieken.
En ze kregen maar liefst 10 kinderen waarvan er 8 gezond opgroeiden.

Toen ik het bulletin 'Onder N.A.P' van der archeologische Werkgroep Purmerend - onder leiding van Rob Teunissen, kreeg las ik over het onderzoek van hem en was vooral gefascineerd door het steeds weer opduiken van een andere Rijkenberg.
Het hele onderzoek was interessant, maar hieronder een vrije samenvatting van de bewoningsgeschiedenis.

"Onderzoek achterterrein perceel Peperstraat 40 uitkomende in de Kromme Steeg te Purmerend"

pep
pep
Het onderzoeksterrein in de 17e eeuw (kaart van F. de Wit ca. 1680)                                                                        Het onderzoeksterrein in 2001

een huis en erve staande en gelegen aan de Westzijde van de Peperstraat,
met een schuur daar agter uijtkomende in de Kromme Steeg.
leggernr. 167,

De nummering in de straat is vele malen veranderd.

De eerst bekende bewoner zou Griet Sijverts Biersteeckers geweest zijn, In 1652 is er een verponding op haar naam.
Van
1691 tot 1697 is er een huijs verponding aan Jan Ruijmgaer en zijn vrouw Cornelia van Dijck.

Zij blijven echter in Alkmaar wonen en het huis wordt bewoond door de zuster van Cornelia, nl. Sijberigh van Dijck en haar man Jacobus Spoors.
Op 14 januari
1702 koopt François van Leeuwen het huis. Frans had daar jaren een vleeshouwerij, maar hij heeft er niet gewoond. Hij overlijdt in 1713 en in dat jaar en de volgende jaren zijn er meerdere akten te vinden bij notaris Bel in Purmerend, omdat zowel kinderen uit zijn eerste als uit zijn tweede huwelijk aanspraak op de erfenis maakten.
De waarde van het huis in de Peperstraat komt op f. 1260,- en er wordt ook een boedelinventaris gemaakt:

In ’t voorhuijs: drie bijlen, vier haken en een rack en dertien haken, 4 hakmessen, 39 7/8 lood gewigt,
een paar houten schalen en een evenaar, een paar coperen schalen en een evenaar

In ’t schuur: ses tonnen met vlees, een snijbank, een pennelaad, een regberrij, een dissel, twee meermanden,
4 water emmers, 2 was tobbens, 2 kleijne.tobbentjes, 2 dissels, 2 spijkerhamers, 1 koekpan, 1 esel of bankje,
6 vilmessen, 175 lood gewigt, 1 blaasbalk, 1 vleijsmand, twee oude blocke.
Voor op de bovensolder van ’t huijs: 20 oude bomen, 8 kromstocken, 10 kleerstocken, 4 lanteerns,
2 oude sluijtmanden, 10 paardedecken, 4 bossen
Op Lugtenburg sijnde de solder van ’t keukentje aan de plaats: 2 bedden met 2 peulen 4 kussens 4 dekens 4 lakens,
alles oud goed, 2 oude gordijnen, 1 vaatje met verff, 4 stoven, 8 gerookte tongen, 7 stucken gerookt vlees, 2 kleijne vaatje
Op de schuursolder: een parthij turff en hout

In 1733 Verponding: een huijs, verponding f. 7-10-0 Lammert Miggielsz Pelt beswaart met f. 1.000,- prothocol. Hij is gehuwd met Helena van Leeuwen, een dochter van François.
Na hun dood blijft hun dochter er wonen. Zij is gehuwd met Claas Dirksz. Del.
De volgende verpondingsbrief is op
29 april 1776 voor Klaas Del en Joris Oudejans als in huwelijk hebbende Lijsbet Del, wonende alhier, verkoper transporteren t.b.v. Nicolaas Laagerweij, mede alhier woonachtig, koper. De koopsom bedraagt f. 2.000,- waarvan f. 1.000,- contant en f. 1.000,- als een custing. Nicolaas woont er ook met zijn vrouw Mietje van der Ham.
Het eigendom gaat door overlijden over op de dochter Jansje, als enig nagelaten kind van bovengenoemd echtpaar.
Op 20 december 1817 treedt zij samen met haar man,
Jan Switzer
, koopman en kaarsenmaker, als verkopende partij op.Door dit transport in
1817 gaat het eigendom over op Jan de Boer Dirksz, koperslager. Naast het gezin de Boer wonen er in 1820 meerdere gezinnen, nl. Karel Gerritsen, schaarslijper, Hij is getrouwd met Marijtje Bosman en ze hebben 4 kinderen.

Ook treffen we in de burgerlijke stand in
1820 een buitenechtelijk kind aan, overleden op dit adres: Elisabeth Bruijn, geboren
op 19 juni 1820 en overleden Purmerend 20 september 1820 als dochter van Dirkje Bruijn.Als getuigen in de overlijdensakte uit 1820 worden genoemd: Karel Gerritsz, en Pieter Rijkenberg, koopman.
In januari
1823 vindt het transport plaats op Simon Brenot, koopman in hoeden.
Per 27 februari
1824 vindt het transport plaats op Hubertus Petrus Koene, commies griffier bij het vredegeregt kanton Purmerend en zijn vrouw, Aagje Wijnkamp, boekverkooper.
Na zijn dood in 1824 hertrouwt zij in
1826 met Pieter Rijkenberg, groente- en fruitverkoper, boek- en papierverkooper,broodbakker. Ook In die tijd wonen er echter ook andere families
in dit huis, zoals
Hendrik Sant, bode bij het dijksbestuur van de Beemster en zijn vrouw Trijntje Schoorl.

Johanna Koenen, een dochter van Aagje Wijnkamp uit haar huwelijk met Hubertus Koene trouwt met Anthonie Marinus Broedelet, zoon van Daniel Broedelet , emeritus predikant en
Maria Sophia Frederica Braber, allen wonende te Purmerend
en Nederlands Hervormd  !!!

Daniel Broedelet, emeritus predikant bij de Hervormde gemeente te Purmerend koopt het huis op 19 maart 1834. Zijn zoon, papier en boek- verkoper gaat er wonen met zijn vrouw en ze krijgen er verschillende kinderen.Broedelet en Rijkenberg gaan een associatie aan en die wordt in 1832 aangevuld met een boekdrukker J.P. Bronstring, die een paar huizen verderop in de Peperstraat woont.
boekje
Titelblad van het boekje: “De kleine menagerie voor lieve kinderen
uitgegeven te Purmerend door Broedelet en Rykenberg, ca. 1840
(collectie Borms-Koop)

Deze firma geeft onder de titel “Prentenmagazijn voor de Jeugd” een reeks prenten uit die aansluit op de vormende en stichtende “schoolprenten”,
die in het begin van de 19e eeuw, onder de auspiciën van de Maatschappij tot Nut van het Algemeen zijn verschenen.

In een circulaire van 15 december
1842, maakt J. Schuitemaker aan de boek handelaars bekend dat hij, door overname eigenaar is geworden van de lees bibliotheek, boekdrukkerij en boekhandel.
Daniel Broedelet heeft het hele zaakje verkocht voor f.4.200 en de hele familie Broedelet verdwijnt uit het katholieke Purmerend.

Rond 1854 begint Schuitemaker met het uitgeven de Purmerender Courant en in 1857 verhuist en verkoopt de hele zaak aan George Fredrik Bibo, spekslager. De koopsom bedraagt f. 5.500,- In de koopakte staat o.a.:


Het verkochte perceel zal gedurende de eerstvolgende 25 jaren niet tot het drijven van den boekhandel en
aanverwante vakken mogen worden ingerigt of verkocht
, op een boete van f. 5.000,- ingeval van overtreding
dezer bepaling, door den tegenwoordige kooper of zijne erven te betalen aan den verkooper of diens erven.



In 
1876 wordt het verkocht aan Ige Hajo Igesz, koopman en dan staat er in de koopakte dat het pand thans verhuurd is aan Josephus A.Th. Gunter, spekslager, wonend te Purmerend voor een som van f 8,- per week.
In
1890 wordt Hendrik Paulinus Rijkenberg (* 1829), van beroep schoenmaker, uit Purmerend de nieuwe eigenaar.
De datum komt goed overeen met de inschrijving van de fa. Herman Rijkenberg (* 1861) in het Handelsregister bij de Kamer van Koophandel te Hoorn.
Aldaar wordt als vestigingsdatum 18 juni 1887 vermeld op het adres Peperstraat.
In augustua
1922 verhuist Herman Rijkenberg en Adriaan Rijkenberg (*1895) trekt er met zijn vrouw Alida Gort en hun dochter Alida in.

In 1922 wonen in de Peperstraat:

124 A A.  Rijkenberg
126 H.  P. Rijkenberg
126 A J. B.  Rijkenberg

Per 2 november 1927 vertrekt de familie Adriaan Rijkenberg naar Haarlem en Hermanus Gerardus Rijkenberg (* 1902) en zijn vrouw zich vestigen op dit adres met hun kinderen: Joseph, Alida, Agatha en Francisca. Zij hebben een zaak in comestibles, kaas en vleeschwaren.
Het kadaster meldt als mede-eigenaar: Antonius Boerrigter, autohandelaar, wonend te Utrecht. Dit is zijn zwager, getrouwd met Sophia Geertruida Rijkenberg.
De zaak wordt in
1964 opgeheven.

peper 1904
Hier zien we de Peperstraat waar al vroeg peper werd verhandeld.
Het derde pand links is de kruidenierszaak van Rijkenberg.
De 'schuur' erachter was - in de tijd van de zaak in comestibles, kaas en fijne vleeswaren - een kaaspakhuis

 



Begrippen:
Custing is een schuldbrief waarbij onroerend goed als onderpand word gegeven.

Verponding is een grondbelasting, Het maakte deel uit van een systeem waarin de registratie van eigendom en waarden van onroerend goed werd vast gelegd.