![]() |
Halverwege de negentiende eeuw hadden Hein Rijkenberg en Sophie Wubbe een
zeer goed lopende schoenenhandel in de Peperstraat.
Zij hadden drie zonen, die alle drie opgeleid
zouden worden in het schoenmakersvak.De
dochters zouden een goed katholiek huwelijk aan gaan.
Marietje met dr. Lodewijk Sicking, leraar oude
talen, Hesje met Antoon Kuijper, die koopman in fournituren was.
De oudste zoon Bernard nam de zaak over. De
jongste zoon Jacob was gestorven. De
middelste Herman begon een zaak in comestibles.
De
winkel van Herman Rijkenberg in de jaren '60 van de 20e eeuw
....De tweede zoon, Herman Rijkenberg,
zou oorspronkelijk met zijn broer Bernard in de zaak zijn gekomen, iets wat
sterk gewenst werd door zijn toekomstige vrouw Alida Schut,
maar hij bedacht zich en kreeg Moeder Sophie op zijn hand, die, flinke vrouw
als zij was, er met hem op uit
ging om alles in te slaan wat nodig was om een
goede kruidenierszaak te openen. Hij kreeg dus - ook in de
Peperstraat - een goed draaiende
zaak in koloniale waren, zoals dat heette,
met kaashandel annex.
Niet enkel sloeg hij zich prachtig door het
leven, maar waar hij een echt zakenman was, stond deze hartelijke man steeds
klaar wanneer een familielid in zakelijke moeilijkheden kwam te verkeren.
Ook zijn eigen kinderen kwamen goed terecht.
Cornelia, Hein, Sophie, Arie, Jacob, Herman en Lida wisten zich alle in hun
huwelijk als goede middenstanders te
handhaven......
't
schaapje met 't gat
| Dit
schaapje heeft altijd een deel van mijn leven uitgemaakt.
Het kwam uit de jeugd van mijn moeder, het jongste kind van Nette Rijkenberg. Toen zij geboren werd leefde het gezin in diepe, maar zeer 'stille' armoede in Utrecht. Dit schaapje had ze, als klein kind ooit gekregen van een tante, die een 'snoepjeswinkel' had in Purmerend.Toen zij het kreeg zaten er snoepjes in. Bij ons stond het ieder jaar bij de kerststal en soms mocht je er ieen groen takje of bloemetje in zetten. Purmerend én die snoepjeswinkel waren voor mij een sprookje waar ik steeds over wilde horen. |
En die
'snoepjeswinkel' was dus deze bekende zaak in Comestibles.
Mijn grootmoeder, die door haar man volkomen berooid was achter gelaten met
negen kinderen waarvan de jongste nog geen anderhalf jaar was,
kwam dus nog bij deze familie toen ze al jaren in Utrecht woonde.
Maar de oude pastoor Sicking - die al jaren in
Brabant woonde - en net als zijn meest naasten verwend en ook nog
wereldvreemd zal hier nooit van geweten hebben.
paarse tekst: zie: Purmerend